Transitievisies Warmte schieten tekort

21 oktober 2022 - Gelderse gemeenten hebben veel werk verzet om hun Transitievisie Warmte tijdig klaar te hebben. Sommige hebben hun plannen gedegen uitgewerkt. De meeste houden ze nog erg globaal. Omdat het zeker tien jaar vraagt om van transitieplan tot uitvoering te komen, is de kans klein dat de plannen in 2030 klaar zijn. Dat blijkt uit een analyse van alle Gelderse transitievisies.

De analyse [link], gemaakt door Jan Straatman (GEA) en Pieter van der Ploeg (GEA) laat zien dat het met de huidige transitievisies onwaarschijnlijk is dat de CO2-uitstoot in de gebouwde omgeving in 2030 49% lager zal zijn dan in referentiejaar 1990. De Gelderse doelstelling van 55% is daarmee helemaal buiten beeld. Centrale vraag in het onderzoek was of de transitievisies voldoende richting geven om doelgericht te werken aan CO2-reductie in de gebouwde omgeving. ‘’We hebben hierbij gekeken naar hoe concreet en uitvoerbaar het plan van de betreffende gemeente is, welke CO2-reductie er verwacht wordt in 2030 en hoe breed het draagvlak is”, aldus Jan Straatman.

Enorme versnelling nodig

Straatman: “Het bleek dat veel gemeenten het een behoorlijke opgave vonden om handen en voeten te geven aan de energietransitie. Er is nu een enorme versnelling nodig om in de buurt te komen van de doelen.” Gemeenten blijken verschillend om te gaan met hun transitievisies. “De meeste gemeenten zetten vooral in op intenties en plannen en minder op het realiseren van maatregelen vóór 2030”, legt Straatman uit. “Maar intenties en plannen zijn niet genoeg om de CO2-uitstoot te verminderen.” Vanuit de analyse zijn leer- en aandachtspunten benoemd voor vervolgstappen. Deze fungeren als handreiking om in de uitvoeringsplannen te kunnen versnellen.

Apeldoorn bron van inspiratie

De analyse bracht op 13 oktober jl. zo’n 40 wethouders, programmamanagers en adviseurs van verschillende gemeenten -maar ook professionals uit het bedrijfsleven- bij elkaar in het Koelhuis in Zutphen. Inzet: als partners in het GEA-netwerk in gesprek gaan over het onderzoek [link] en de leerpunten. De resultaten van de analyse noemde men confronterend, maar zeer herkenbaar vanuit de eigen ervaringen bij het opstellen van de transitievisie. De gemeente Apeldoorn, vertegenwoordig door wethouder Danny Huizer, werd daar in het zonnetje gezet. De Apeldoornse aanpak en werkwijze bleek juist een inspiratiebron voor andere gemeenten. Zij zijn al bezig met de uitvoeringsagenda waarin wordt bepaald wie welke rol neemt, wanneer deze rolverdeling in het proces gaat veranderen en waarin de financiële haalbaarheid is meegenomen. Ellen Luten van de gemeente Apeldoorn: “Er is geen tijd te verliezen voor de transitie want de omstandigheden zijn nu goed. De gasprijzen stijgen, het Rijk is er klaar voor en ons klimaat verandert.”

Twee prioritaire wijken

Vanuit het Klimaatakkoord hebben gemeenten afgesproken dat zij de plannen voor de gebouwde omgeving vastleggen in Transitievisies Warmte. Vaak wordt het doel vertaald naar een aardgasloze, duurzame warmtevoorziening. Praktisch betekent dit dat elke gemeente ten minste twee prioritaire wijken aanwijst die in 2030 voorzien zijn van een duurzame warmtevoorziening. Een andere invulling is om ten minste 20% van de gebouwde omgeving aardgasvrij te maken vóór 2030. Deze concreetheid is in veel transitievisies niet terug te vinden. Daarmee blijven bewoners in het ongewisse over hun vooruitzichten en de keuzes die zij moeten maken bij vervanging van hun verwarmingsinstallaties.

Gemeenten geven aan dat het van belang is dat er wetgeving komt waarmee je kunt sturen. “Anders gaan we het doel niet behalen”, benadrukt Daniëlle Hunink, programmamanager bij de gemeente Rheden. “Als inwoner is het moeilijk te overzien wat je kunt doen in deze transitie, een sturende rol vanuit de gemeente kan dan helpen.”

Wat er nodig is

Uit de analyse blijkt dat het nodig is dat de plannen zeer concreet worden uitgewerkt in uitvoeringsplannen, met duidelijke mijlpalen en helderheid in wie wat gaat doen en wie waarvoor verantwoordelijk is. Het is ook nodig dat de rijksoverheid op korte termijn duidelijkheid schept over met name de juridische en financiële randvoorwaarden om de transitie haalbaar te maken. En het is noodzakelijk dat gemeenten, burgers, onderwijs en bedrijfsleven handen ineenslaan om te gaan doen. Het vinden van voldoende capaciteit voor de voorbereiding en vakmensen voor de uitvoering blijft immers een grote uitdaging. Vanuit de discussie in Zutphen kwam naar voren dat we elkaar meer kunnen vinden in regionale samenwerking met bijvoorbeeld kennisdeling. Ook de samenwerking in het Gelders Energieakkoord wordt hierbij aangehaald. “In dit netwerk is overzicht op wat er in de provincie gebeurt. Er zouden bijvoorbeeld meer pilots uitgevoerd en zichtbaar gemaakt kunnen worden”, aldus éen van de betrokkenen.

 

Publicatie

Analyse Transitievisies Warmte.

Reageer op dit artikel

Plan

Gelderland energieneutraal in 2050. Die ambitie vraagt om concrete plannen met klinkende resultaten. GEA-partners initiëren, programmeren, begeleiden en stimuleren. We helpen elkaar op een lastige route naar succes. Zo leveren we een belangrijke bijdrage aan de energietransitie en het klimaatbeleid in Gelderland.


Aanmelden nieuwsbrief

Doelen

Programma's

De partners in het GEA zijn actief in vijf hoofdprogramma’s: